Vormen en oorzaken van faalangst
Drie soorten faalangst
Angst kan reeds optreden als de leerkracht de toets uitdeelt. Er moet nu min of meer verplicht een taak uitgevoerd worden… Ook kan een kind geheel verkrampen bij het zien van verschillende toestellen in de gymzaal. Er zijn dan ook drie soorten faalangst:
Motorische faalangst: ('Ik durf dat wandrek niet in')
Er zijn kinderen die heel angstig worden bij vakken als tekenen, handvaardigheid en bewegingsonderwijs. Er wordt een beroep gedaan op het motorisch handelen. Er zijn kinderen die er vreselijk tegenop zien iets met hun lijf te moeten doen Dit handelen lukt niet, omdat de vrees zorgt voor een verkrampte houding. De leerkracht verwacht dit niet, omdat het kind fysiek wel in staat is de oefening uit te voeren.
Sociale faalangst: ('Ik ben bang dat ze me uit zullen lachen')
Kinderen trekken op school de volledige dag met mekaar op, grotendeels in groepsverband. Voor de een is dat heerlijk, voor de ander een ramp. Om op een doelmatige manier met klasgenoten op te trekken is heel wat nodig. Je moet bvb weten hoe je een beetje meetelt in de groep. Of: hoe je juist niet reeds te veel opvalt. Het kind dat sociaal faalangstig is ervaart de school niet als een rustige, veilige plek. Het heeft telkens het gevoel dat het niet aardig of lief wordt gevonden. Volgens de auteur Wolpe houdt sociale faalangst in dat het kind bang is voor kritiek, voor bekeken worden gedurende het werk, voor niet- geaccepteerd worden, voor sociaal op de voorgrond treden en voor autoriteitspersonen. Er is sprake van een geremdheid in het leggen van contacten en het hebben van te niet veel sociale vaardigheden. Aan de leerling is dikwijls te zien of hij of zij sociaal faalangstig is (denk maar aan het teruggetrokken, stille kind of juist het drukke, nerveuze kind).
Cognitieve faalangst: 'Ik behoor het te kunnen, maar..')
Deze vorm van faalangst slaat voornamelijk op opdrachten die te maken hebben met het leren op school, waar een beoordeling aan te pas komt. Het kan reeds zo zijn dat als de leerkracht nieuwe leerstof aankondigt, de leerling hinder heeft van klamme handen, hoofdpijn, buikpijn etc. Hierdoor kunnen de leerlingen de uitleg slecht volgen. Hun concentratie wordt gestoord door de vrees dat ze het wel weer niet zullen snappen. Het vooruitzicht van een toets of overhoring zorgt voor een piek in de cognitieve angst.
Mengvormen
Cognitieve, motorische en sociale faalangst kunnen in combinatie met mekaar voorkomen. Een leerling die onverwacht voor de klas een beurt krijgt, kan geblokkeerd raken door alle ogen die hij of zij op zich gericht weet. Het feit dat de leerling de geleerde woordjes niet meer weet, vormt het cognitieve aspect, de rol van het publiek van klasgenoten het sociale aspect. Faalangst lijkt bovendien als een olievlek te werken : het begint op een klein afgebakend terrein, maar ongemerkt breidt de vrees zich uit naar andere situaties. Faalangst uit zich op school in verschillende vormen: je kunt spreken van motorische-, sociale- en cognitieve faalangst. Ook bestaat er een mengvorm van deze drie faalangstvormen. Het lichaam reageert verschillend op lees meer over Vormen en oorzaken van faalangst




