Niet tevreden van je benen?
Vetophopingen
Vetweefsel is opgebouwd uit vetcellen welke op hun beurt door bindweefseltussenschotjes bij mekaar gehouden worden. Het aantal vetcellen wordt bepaald bij de puberteit. Na de puberteit neemt het aantal vetcellen niet meer toe. Iedere vetcel op zich kan wel meer vet opnemen en dikker worden. Dit betekent dat als men vetcellen weghaalt gedurende een ingreep, deze vetcellen niet meer terug kunnen "bijgroeien". Liposculptuur geeft dus een permanente correctie. Liposculptuur heeft enkel zin bij lokale vetophopingen zodat op een plaats vetweefsel (vetcellen) kan worden weggenomen en de verhoudingen kunnen aangepast worden. Deze vetophopingen zijn meestal hormonaal afhankelijk en reageren zeer moeizaam op dieet. Bij algemene zwaarlijvigheid geeft liposculptuur ontgoochelende resultaten gezien de overblijvende vetcellen vet opnemen waardoor deze meer gaan uitzetten en het netto effect nul blijft. Liposculptuur helpt dan ook het beste op enkele specifieke plaatsen.
Cellulitis
Vetcellen worden bij mekaar gehouden door een netwerk van bindweefsel. Indien de vetcellen gespannen staan tussen deze bindweefselbrugjes, ontstaat cellulitis. De putjes ontstaan waar de bindweefselbrugjes de huid aantrekken. Cellulitis is een vrij moeilijk te behandelen probleem. Door liposculptuur dicht tegen de huid kunnen de vetcellen tussen de bindweefselbrugjes verwijderd worden waardoor de brugjes minder gespannen staan en de cellulitis verdwijnt. Probleem is echter dat de bindweefselschotjes soms zeer fel ontwikkeld zijn, waardoor liposculptuur hier zeer moeilijk is. Bij overdreven liposculptuur kunnen problemen met de overliggende huid ontstaan.
Huidoverschot
Na felle vermagering kan er een huidoverschot ontstaan door tekort aan elasticiteit. Dit huidoverschot kan overal ontstaan maar meest voorkomend zijn de buik, de armen en de binnenkant van de dijen. Huidoverschot kan enkel verholpen worden door wegnemen van de te veel aan huid. Ook in het aangezicht en de hals kan een huidoverschot ontstaan. Indien dit overschot zich boven de navel bevindt moet een volledige buikplastiek uitgevoerd worden. Indien het overschot enkel onder de navel gelegen is, kan een miniabdominoplastiek een goede oplossing bieden. Huidoverschot ter hoogte van de armen en de benen dient verholpen te worden door middel van een armlift of een dijlift. Endermologie kan hier dikwijls een gunstig echter tijdelijk effect geven.



