Draagmoederschap
Voor vrouwen die zelf niet in staat zijn een zwangerschap uit te dragen kan draagmoederschap een oplossing zijn. Het paar dat een kind wenst kan een andere vrouw vragen een kind voor hen te dragen. Zo'n zwangerschap komt meestal tot stand door middel van kunstmatige inseminatie met sperma van de wensvader, maar ook met behulp van IVF is dit mogelijk. Aan deze manier van vervulling van de kinderwens kleven echter wel een aantal ethische, emotionele en juridische dilemma's en problemen.
Wanneer te kiezen voor draagmoederschap?
Vrouwen bij wie de baarmoeder is verwijderd, kunnen uiteraard niet zwanger raken en hebben geen andere mogelijkheid om een kind te krijgen dan via adoptie of draagmoederschap. De baarmoeder kan ook beschadigd of misvormd zijn, waardoor een zwangerschap niet mogelijk is. Ook indien er sprake is van een ernstig gevaar voor de gezondheid van de vrouw als zij zwanger wordt kan draagmoederschap een uitkomst zijn. Tevens is het mogelijk dat er gevaar bestaat voor het kind, bijvoorbeeld bij vrouwen die belast zijn met een ernstige erfelijk overdraagbare ziekte. In dat geval zijn de opties eiceldonatie of draagmoederschap.
Twee vormen van draagmoederschap
Bij de klassieke vorm van draagmoederschap, wordt de draagmoeder via kunstmatige inseminatie bevrucht met het zaad van de wensvader, als deze normaal vruchtbaar is. Dan is de wensvader ook de genetische vader. Is hij niet normaal vruchtbaar dan kan ook gebruik gemaakt worden van donorsperma. Dan zijn beide wensouders dus niet de biologische ouders. De tweede vorm is het draagmoederschap gecombineerd met IVF. Hierbij wordt een eicel van de wensmoeder bevrucht met het zaad van de wensvader. Het ontstane embryo wordt in de baarmoeder van de draagmoeder geplaatst. Het kind dat geboren wordt is dus een biologisch eigen kind van de wensouders. Deze vorm van draagmoederschap is pas sinds maart 1997 toegestaan.
Juridische aspecten
In Nederland is er geen wetgeving op het gebied van draagmoederschap. De officiële procedure loopt via de adoptieprocedure en gaat als volgt: De draagmoeder dient zich te wenden tot de Raad voor de Kinderbescherming. De Raad vraagt bij de kinderrechter ontheffing van het ouderlijk gezag aan. De rechter kan deze ontheffing echter alleen verlenen indien er sprake is van onmacht of ongeschiktheid. Dit is zelden het geval bij vrouwen die uit ideële overwegingen een kind voor een ander baren. De rechter wordt dus gevraagd iemand ontheffing te verlenen zonder dat genoemde toegestane redenen aanwezig zijn. Die bijzondere omstandigheden kunnen liggen in het feit dat bij de draagmoeder de wil ontbreekt om voor het kind te zorgen, in combinatie met de uitdrukkelijke wens de verantwoordelijkheid voor de verzorging en opvoeding van dit kind aan een ander te willen overlaten.
Waarschuwing
Als men draagmoederschap zou overwegen zonder de juridische instanties hiervan op de hoogte te brengen, is een waarschuwing op zijn plaats. Als wensouders het kind bij de Burgerlijke Stand aangeven als hun eigen kind, plegen zij een strafbaar feit. In plaats van valse aangifte kan het paar het kind ook mee naar huis nemen zodra het is geboren. Diegene die zonder toestemming van de Raad voor de Kinderbescherming een kind beneden de zes maanden als pleegkind opneemt, is echter eveneens strafbaar. Na een jaar het kind te hebben verzorgd kunnen zij wel voogdij aanvragen en nadat hiervoor toestemming is verkregen, kan adoptie worden aangevraagd.
Als het kind eenmaal zes maanden oud is, mag het door een willekeurige persoon opgevoed worden. De enige voorwaarde is dat het ouderlijk gezag bij de natuurlijke ouders blijft berusten. Dat hoeft geen probleem te zijn, want in het 'gewone' maatschappelijke leven vraagt niemand daarnaar. Alleen bij het aanvragen van een paspoort gebeurt dit wel, maar als de juridische ouder deze aanvraag ondertekent, is ook dit probleem ondervangen. De meeste mensen zullen dit echter geen prettige lees verder




