Malnutritie, wat is het eigelijk ?
Vetzucht, Adipositas, vetlijvigheid en Obesitas zijn verschillende benamingen voor een toestand van overmatige vetophoping waarbij zowel het totale lichaamsgewicht als het deel daarvan dat op rekening komt van het vetweefsel (vetcellen) te groot is. Vetzucht komt, voor zover valt na te gaan, in het dierenrijk uitsluitend voor bij de homo sapiens. Zelfs in het gedomesticeerde dierenrijk lukt het slechts door extreme maatregelen een tot vetzucht leidende stoornis in de stofwisseling (metabolisme) te bewerkstelligen die voor de consument aantrekkelijk is (mestvarkens, kistkalveren, mestganzen). De grens tussen het ideale lichaamsgewicht en overgewicht of obesitas is niet scherp te trekken; er is sprake van een niet nauwkeurig af te bakenen grensgebied.Het is tweemaal hetzelfde beweren (zoals wel wordt gedaan), dat iemand aan vetzucht lijdt als zijn lichaam te veel vet bevat. De mate van vetzucht zal in individuele gevallen kunnen worden vastgesteld door naar de persoon in kwestie te kijken, reeds een oppervlakkige en kortdurende waarneming is in de regel reeds genoeg om uit te maken of iemand reeds of niet te dik is. Een bevredigende taxatie wordt verkregen door het lichaamsgewicht te relateren aan lichaamslengte en aan type lichaamsbouw (zie tabel streefgewicht). Een betere benadering wordt verkregen door het vaststellen van het vetpercentage doormiddel van een huidplooimeting of door het elektronisch meten van de vetweerstand. In het algemeen kan men grofweg van vetzucht spreken als het feitelijke lichaamsgewicht het te verwachten lichaamsgewicht met meer dan tien tot twintig percent overschrijdt.
De onderzoeker dient zich altijd af te vragen of een eventueel te hoog lichaamsgewicht niet het gevolg is van abnormale vochtophoping in de vorm van oedeem of ascites of van een bijzonder sterke ontwikkeling van de spiermassa, als deze voorkomt bij (beroeps)sportlieden. Een geringe vetzucht zal in het algemeen geen aanleiding geven tot klachten. Bij mannen stijgt in het algemeen het lichaamsgewicht na het dertigste levensjaar; bij vrouwen is dit niet bijna nooit reeds na het twintigste levensjaar het geval en dan dikwijls zeer geleidelijk. Vooral na een bevalling kan het lichaamsgewicht met een enkele kilo's toenemen, daarna blijft het meestal constant. Naar algemeen wordt aangenomen is vetzucht niet het gevolg van een gestoorde stofwisseling in de zin van een biochemische ontsporing bij de vorming of mobilisatie van vet. Vetzucht lees meer over Malnutritie, wat is het eigelijk ?



