Calcium, waarvoor heb ik dat nodig?
- De calciumabsorptie is hoger in periodes waarin het lichaam grote behoefte heeft aan calcium, zoals tijdens de puberteit (adolescentie), zwangerschap en tijdens het geven van borstvoeding.
- Aanwezigheid van vitamine D in het lichaam: vooral bij een lage calciuminname met de voeding verhoogt vitamine D de calciumopname.
- Lactose, lactulose en inuline: bij een lage zuurgraad (pH) in de darm, lost calcium beter op en stijgt de passieve calciumabsorptie. Een lage zuurgraad ontstaat bijvoorbeeld door omzetting (fermentatie) van lactose, lactulose en inuline.
- Melkeiwitten: bij de vertering van melkeiwit in de dunne darm komen stoffen vrij die calcium binden en zo de opname in de darm bevorderen.
- Oxaalzuur is een voedingsstof die de opname van calcium in je darmen remt. Oxaalzuur gaat een verbinding aan met calcium, waardoor dat niet meer door de darmen kan worden opgenomen. Oxaalzuur komt voor in enkele groenten zoals spinazie, postelein, snijbiet en rabarber.
- Fytinezuur (volkorenbrood) remt ook de opname van calcium.
Het calciumgehalte van enkele producten per 100 gram
Product Calciumgehalte in mgKaas 500 - 1000
Melk 100 - 125
Peulvruchten 80
Kippenei 60
Groenten* 20 - 100
Vis, schaal-en schelpdieren 20 - 100
Granen, meel- meelproducten 10-70
MilkBreak 420
Groentesoorten die veel calcium bevatten zijn boerenkool en spinazie. Bij een tekort aan calcium kunnen er afwijkingen aan het bot ontstaan, zoals osteoporose ofwel botontkalking.
(overgenomen met schriftelijke toestemming van:http://www.liga.nl)



