Voedsel als medicijn: het yin en yang van de voeding
De grondlegger van de westerse geneeskunst Hippocrates beschouwde voeding, net als de Chinese geneeskunde, als een medicijn. Hij zei: 'Uw voeding zal uw medicijn zijn'. In de westerse geneeskunst is dit vergeten'. Het is nog treuriger gesteld, de westerse deskundigen hebben van de voeding een ziektemaker gemaakt. Daarom moeten wij terug naar de ware betekenis en kracht van de voeding. Daarbij brengt het principe van yin en yang (het plus en min-principe en het evenwicht daarin) en de vijf elementen energieleer je weer met alle twee benen op de grond. De vijf elementen in de voeding zijn warm, heet (yang), koel en koud (yin). Een evenwicht hierin bepaalt de energie die vrijkomt bij de vertering. Bij een koud jaargetijde (winter-yin) dient men warme/hete voeding te nemen. Bij een warme jaargetijde (yang) neem je koudere (yin) spijzen.In het westen is men zeer vervreemd van dit natuurlijke principe. Het natuurlijk evenwicht in de energieën is totaal weg. Daaraan hebben de voedingsdeskundigen, de voedingsindustrie, diëtisten en andere dieetbedenkers, meegewerkt. Zogenaamd in de strijd tegen vet en overgewicht. Maar dun is geen garantie voor gezond.Het principe van volwaardig eten en het rekening houden met zomer- en winterkost is losgelaten. Dat komt ook door kas-teelt en door import van zomerse voedingsproducten in de winter. In de voeding is het seizoenaspect losgelaten. In de oosterse keuken komen deze aspecten wel voor. Een maaltijd wordt opgebouwd uit yin en yang en de vijf elementen energieleer en de daarbij behorende vijf smaken.
De kracht van de vijf smaken
De vijf smaken zijn: zout, zuur, bitter, zoet en scherp. De smaak zout trekt naar de nieren (het element water), de smaak zuur naar de lever (het element hout), de smaak bitter naar het hart (het element vuur), de smaak zoet naar de milt (het element aarde) en de smaak scherp naar de longen ( het element metaal). Het normale gebruik van zout zorgt voor een goede bevochtiging van het inwendige en het weefsel. Het zure zorgt voor de leverwerking en houdt de dikke darm krachtig en stopt diarree of altijd te dunne ontlasting. Het bittere reinigt de ingewanden en is goed voor het hart (bitter in de mond maakt het hart gezond) en verdrijft het teveel aan vocht. Het zoetige is goed voor de milt, verdrijft vermoeidheid, voedt de levensenergie en werkt harmoniserend op de maag. Het scherpe is goed voor de longen en verdrijft giftige afvalstoffen.In de tropen gebruikt men zeer scherpe spijzen. Dit heeft in de tropen het voordeel dat het eten niet snel bederft en dat men de scherpe kruiden meer zweet produceert om af te koelen. Mensen uit die warme gebieden die in Nederland zijn gaan wonen moeten echter het scherpe afzwakken anders krijgen ze een verstoring van het evenwicht van de energieën en kunnen ze hierdoor de nierenergie verzwakken. Gaat een westerling naar de tropen dan doet hij er goed aan ook wat scherper te eten en tevens zich aan te passen en minder gehaast te zijn. Je moet je aanpassen aan de warmte. Ga je naar warme landen, bvb het midden-oosten met zijn woestijnen, dan zweet je veel. Drinken alleen helpt niet omdat je met het zweten ook veel zout verliest. Door een tekort aan zout kan je flauwvallen of onwel worden en zelfs bewusteloos raken. Neem dus zoutige dingen tot je. Dit geldt in het westen ook bij een hittegolf.



