Behandeling (3) - lymfeklieronderzoek
Zodra de diagnose melanoom zeker is zal de behandelend dokter naar de lymfeklieren voelen. Melanomen kunnen zich wanneer zij uitzaaien namelijk nestelen in de lymfeklieren, en wanneer dit reeds heeft plaatsgevonden wordt het verder behandelbeleid hierop aangepast. In de meeste gevallen zullen de verdachte lymfeklieren worden verwijderd voor onderzoek. Wanneer het een dik melanoom betreft en er worden geen verdikte lymfeklieren gevoeld, wordt soms toch via een speciale techniek onderzocht of er uitzaaiingen hebben plaatsgevonden. Dit heet de poortwachtersklier-procedure. Met dit onderzoek kan de lymfeklier worden opgezocht die het meest naar alle waarschijnlijkheid als eerste aangedaan zou zijn bij uitzaaiing. Bij melanomen dunner dan 1 mm wordt naast het voelen naar de lymfeklieren meestal geen aanvullend onderzoek naar de lymfeklieren uitgevoerd.
Behandeling (4) – aanvullende behandelingen
Bij verreweg de meeste patienten bij wie melanoom is geconstateerd is verdere behandeling niet nodig. Indien er echter toch sprake is van verdere uitzaaiingen van het melanoom kan gekozen worden voor aanvullende behandelingen. Deze kunnen bestaan uit:
- Bestraling
Bestraling (radiotherapie) wordt soms gegeven op het huidgebied waar het melanoom is weggehaald en soms ook ter plekke van uitzaaiingen. Kankercellen kunnen bestraling slechter verdragen dan gewone cellen. Geprobeerd wordt de dosis straling zo te kiezen dat de melanoomcellen vernietigd worden terwijl het normale weefsel zo min mogelijk beschadigd raakt.
- Chemotherapie
Bij uitgezaaid melanoom wordt soms gekozen voor behandeling met chemotherapie. Voor deze therapie worden cytostatica gebruikt. Dit zijn zeer agressieve medicijnen (medicatie) die de deling van cellen belemmeren. Het wordt in de vorm van pillen of infuus (in de bloedbaan) toegediend en komen dus in het volledige lichaam. Kankercellen (die meestal snel delende cellen zijn) zijn gevoeliger voor cytostatica dan de normale weefsel cellen en zullen daarom eerder worden ‘uitgeschakeld’ dan de meeste gezonde cellen in het lichaam. Helaas hebben cytostatica veel bijwerkingen (moeheid, haaruitval etc.).
- Immunotherapie
Immunotherapie is vooralsnog overwegend een experimentele therapie. Er zijn verschillende soorten immunotherapie in ontwikkeling. Meestal betreft het vaccins tegen melanoomcellen of ‘opgewerkte’ witte bloedcellen die de tumor selectief moeten aanvallen. Immunotherapie wordt in gespecialiseerde centra uitgevoerd.
Controle
Nadat de behandeling is uitgevoerd wordt de patient gedurende 5 tot 10 jaar gecontroleerd. Meestal gebeurt dit door de dermatoloog of door de dermatoloog en chirurg gezamenlijk. De controles worden in het 1e jaar 3-4x uitgevoerd. Daarna neemt, als zich geen problemen voordoen, de controlefrequentie af. De controle bestaat uit onderzoek van het litteken en het voelen naar de lymfeklieren. Tevens wordt de huid nagekeken op onrustige moedervlekken. In bijzondere situaties zal uitgebreider onderzoek plaatsvinden.
Wat zijn de vooruitzichten?
Een van de eerste dingen die iemand wil weten die met de diagnose 'melanoom' wordt geconfronteerd is: wat zijn mijn overlevingskansen? Voorspellingen zijn moeilijk. Elk geval van melanoom is verschillend en er kunnen vele factoren zijn die de prognose beinvloeden. De overlevingskans is sterk afhankelijk van het feit of het melanoom reeds uitzaaiingen heeft gevormd of niet. Als het melanoom geheel verwijderd is en er zijn geen uitzaaiingen, dan is de prognose 100%, want de patient is genezen. Helaas is nooit met zekerheid te zeggen dat een melanoom niet uitgezaaid is op het moment dat het melanoom door de dokter wordt verwijderd. Er kunnen reeds individuele melanoomcellen van de originele tumor losgeraakt zijn, die in de loop van de tijd op andere plaatsen in het lichaam een nieuwe tumor gaan vormen. Deze ‘micro’-uitzaaiingen zijn in het begin van de controleperiode dikwijls moeilijk of niet op te sporen. Uit grote onderzoeken blijkt steeds opnieuw dat de mogelijkheid op uitzaaiingen duidelijk toeneemt naarmate het oorspronkelijk melanoom dikker is. Bij 90-95 procent van de patienten met een melanoom dunner dan 1 mm komt de ziekte niet terug. Naarmate het melanoom dikker wordt neemt het percentage patienten bij wie na 5 jaar nog geen uitzaaiing van het melanoom is gevonden geleidelijk af. Wanneer er sprake is van uitzaaiingen worden de vooruitzichten ongunstiger.
Voorkómen van melanomen
- Verstandig zonnen
Bij het ontstaan van de meeste melanomen lijkt de zon een rol te spelen. Herhaaldelijke zonverbrandingen, vooral die vóór het 5e levensjaar zijn doorgemaakt, verhogen de mogelijkheid op latere melanoomontwikkeling. Bescherm huid, en vooral de huid van kinderen, daarom goed tegen zonverbrandingen.
- Zelfcontrole
Het melanoom van de huid is een bijzondere kanker omdat hij in een vroeg stadium door de patient zelf kan worden opgemerkt. Wanneer er dus afwijkingen aan de huid zijn die een of meer van de eerder genoemde alarmsymptomen tonen, aarzel dan niet maar neem snel contact op met de huisarts!
Als je dit artikel interessant vond en op de hoogte wilt blijven schrijf je dan in op onze nieuwsbief




