Door vernauwing van de kransslagaderen van het hart is de doorbloeding van de hartspier op sommige plaatsen verminderd. Hierdoor kan angina pectoris ('pijn op de borst') ontstaan en uiteindelijk ook een hartinfarct. Dit infarct kan zelfs optreden zonder dat de patiënt het merkt ('stil infarct'), zodat latere complicaties als gevolg van het infarct een vrije mogelijkheid hebben. Een daarvan is een beschadiging van de in het hart lopende zenuwen. Deze zenuwbeschadiging kan de oorzaak zijn van een (te) snelle hartslag en van een te sterke bloeddrukdaling bij overeind komen (duizeligheid). Ten slotte kan de hartspier door de slechte doorbloeding zelf ook aangedaan zijn. Slagaderverkalking treedt bij diabeten vooral ook op in de grote bloedvaten naar de benen en in de bloedvaten naar de hersenen. Gevolgen hiervan kunnen zijn: een beroerte (CVA) met een langdurige of permanente halfzijdige verlamming of voorbijgaande neurologische uitvalsverschijnselen (TIA). Afwijkingen van de beenvaten kunnen leiden tot claudicatio ('etalagebenen'). Hierbij is de bloedtoevoer naar de spieren in de kuiten dermate afgenomen, dat er reeds na een kleine afstand lopen door tekort aan zuurstof pijn in de kuitspieren ontstaat. Omdat mensen met bloedvatvernauwing in de benen hierdoor telkens een poosje stil moeten staan (voor een etalage), spreekt men van 'etalagebenen'. Als de vaatvernauwingen toenemen, kan dit in het uiterste geval leiden tot afsterven van tenen. Ook bij de 'diabetische voet' is het reeds of niet bestaan van slagaderverkalking belangrijk. Vaatoperaties kunnen worden uitgevoerd als alleen de grotere bloedvaten afwijkingen vertonen.
Bij diabetes is er dikwijls sprake van een stijging van de bloeddruk. Voor een deel ligt de oorzaak hiervan in de slagaderverkalking.
Maar ook een verslechterende nierfunctie zorgt voor een stijging van de bloeddruk. Omdat een hoge bloeddruk op zich weer slecht is voor hart en bloedvaten, is het van belang dat de bloeddruk, als te hoog, wordt genormaliseerd. Alhoewel in het verleden ontwateringstabletten en bèta-blokkerende middelen werden vermeden, blijkt uit een recent onderzoek dat het vooral de bloeddrukdaling is die telt en dat het minder belangrijk is welke medicamenten hiervoor worden gebruikt. De keuze kan soms ook afhangen van het bestaan van andere problemen, als een snelle polsslag of angina pectoris. Verder dient geadviseerd te worden om te stoppen met roken, het gewicht zo nodig te verminderen, minder zout en meer voedingsvezels (zoals zemelen) te gebruiken en meer lichaamsbeweging te nemen. Belangrijk in het volledige beloop is dat de bloedglucosewaarden zo normaal mogelijk blijven.
Complicaties van het zenuwstelsel
Het ontstaan van afwijkingen van het zenuwstelsel hangt samen met de bestaansduur van de diabetes, de leeftijd en naar alle waarschijnlijkheid ook de hoogte van de bloedglucosewaarden over langere tijd. Men noemt het neuropathie en het is onder te verdelen in:
- afwijkingen van de zenuwen in vooral handen en voeten, maar soms ook dichter bij de romp (perifere zenuwen);
- afwijkingen van de zenuwen die de inwendige organen besturen (autonome zenuwen).
Combinaties zijn uiteraard mogelijk en komen dikwijls voor. Bij de perifere neuropathie zijn de perifere zenuwen, de zenuwen die vanuit het ruggenmerg naar de romp en de ledematen lopen aangetast. Hierbij kan het gaan om meerdere zenuwen tegelijk, die dan meestal symmetrisch (links en rechts) zijn aangedaan of het kan gaan om aantasting van één enkele zenuw. Bij zenuwbeschadiging kan het zowel gaan om zenuwen die te maken hebben met het gevoel als om zenuwen die bepaalde spierfuncties besturen. Klachten bij de perifere neuropathie kunnen onder meer zijn: tintelingen, gevoelsstoornissen, kuitkrampen, spierzwakte en spierweefselverlies. De pijnklachten kunnen op den duur spontaan verdwijnen, doordat gevoelsensaties minder worden en de zenuwen dus niet meer in staat zijn om pijnsensaties door te geven. Ook bij de diabetische voet is er sprake van neuropathie. De pijnklachten laten zich dikwijls moeilijk door medicijnen beïnvloeden.
Uitval van autonome zenuwvezels veroorzaakt problemen bij het functioneren van de inwendige organen, als het maag-darmkanaal, het hart, de bloedvaten, de blaas en de geslachtsorganen, en de huid. In het maag-darmkanaal treedt vertraging op van de passage van voedingsstoffen vanuit de maag naar de darmen, waardoor er onder meer indigestie (maagklachten als misselijkheid en een vol gevoel) kan ontstaan. Door de trage darmpassage kan soms ook overmatige gasvorming en obstipatie (contstipatie) of (nachtelijke) diarree optreden. De voornaamste klacht die bij effecten op het hart- en bloedvaatstelsel ontstaat is duizeligheid bij (te snel) opstaan. De blaaslediging en de urinelozing kunnen gestoord raken zodat de urine zich in de blaas ophoopt. Dit kan, naast de verminderde weerstand, aanleiding geven tot herhaaldelijk wederkerende blaasontstekingen. Uiteindelijk kan door overrekking van de blaaswand incontinentie ontstaan, dat wil zeggen dat de patiënt de urine niet meer goed kan ophouden.
Seksuele stoornissen kunnen optreden in de zin van gestoorde zaadlozing en impotentie. De impotentie moet altijd nader
worden onderzocht, omdat hier ook andere oorzaken, zowel lichamelijke als psychische, aan ten grondslag kunnen liggen.
Ook de vochtregulatie van de huid raakt verstoord, waardoor de vorming van zweet afneemt. De verminderde zweetafscheiding veroorzaakt een droge huid, waardoor bvb in een toch reeds kwetsbare voet kloven kunnen ontstaan en eventueel zelfs grotere problemen.
Als je dit artikel interessant vond en op de hoogte wilt blijven schrijf je dan in op onze nieuwsbief




