Bof, een kinderziekte anders dan de rest!
Bof wordt veroorzaakt door het
bofvirus. Besmetting vindt plaats van mens op mens door hoesten en niezen. De
incubatietijd is gemiddeld 16 tot 25 dagen. Een patiënt is besmettelijk van 5 dagen vóór het optreden van de speekselklierzwelling tot 9 dagen erna.
Ziekteverschijnselen
Verloopt bij een derde van de gevallen ongemerkt.
- Koorts.
- Pijnlijke ontsteking van de speekselklieren en oorspeekselklieren.
- Sporadisch ook infectie van de alvleesklier, de schildklier en de hartspier, reuma en eenzijdige doofheid.
- Soms ook infectie van de inwendige geslachtsorganen (teelballen en eierstokken), maar steriliteit daardoor is uiterst zeldzaam.
Bij ongeveer 5 op de 1000 gevallen kan als complicatie
hersenvliesontsteking of hersenweefselontsteking optreden, vooral bij jonge kinderen. Voor bof bestaat geen behandeling. Koorts en pijn kunnen zo nodig bestreden worden.
Het effect van vacinatie
Voor 1987 werden jaarlijks 300 tot 800 patiënten met
bofmeningitis opgenomen. Na de invoering van de vaccinatie is het aantal gevallen gedaald tot minder dan 50 per jaar. Vaccinatie tegen bof is sedert 1987 onderdeel van het RVP. Vaccinatie geeft bij meer dan 95 procent van de gevaccineerden individuele bescherming.
Het vaccinatieschema
In het RVP worden kinderen op de leeftijd van 14 maanden en 9 jaar
ingeënt tegen bof. De vaccinatie wordt onderhuids in de bovenarm gegeven.
Bijwerkingen van de BMR-vaccinatie
- Een branderige pijn op de plek van de injectie.
- Tussen de vijfde en twaalfde dag na vaccinatie kunnen koorts, hangerigheid en uitslag optreden. Deze houden 1 à 2 dagen aan.
- Bij zeer hoge koorts kunnen bij sommige kinderen koortsstuipen optreden. Dit komt voor bij ongeveer 1 op de 5000 tot 10.000 kinderen.
- Sommige vrouwen hebben hinder van voorbijgaande gewrichtspijnen.
- In niet veel voorkomende gevallen is na BMR-vaccinatie een tekort aan bloedplaatjes geconstateerd (bij ongeveer 1 op de 30.000-50.000 kinderen).
Vanwege de rodehond-component mag BMR niet aan vrouwen die zwanger zijn worden gegeven. Vrouwen moeten 3 maanden na een BMR-vaccinatie voorkomen dat zij zwanger worden. Allergie voor kippenei-eiwit is geen contra-indicatie voor toedienen van BMR-vaccin.