Hoe gebeurt de diagnose bij otosclerose?
Gehoorverlies is het belangrijkste symptoom, hoewel je dit zelf misschien niet eens goed in de gaten hebt. Waarschijnlijk zullen vrienden of familie je er als eerste op wijzen. Je zal als eerste merken dat je lage tonen niet meer goed kan onderscheiden, of dat je moeilijk iemand kan horen fluisteren. Verdere symptomen zijn duizeligheid, evenwichtsproblemen en oorsuizen. Ook belangrijk is: bij otosclerose heb je geen pijn! Als je voor het eerst bij de KNO-arts komt, zal hij een gehoortest bij je afnemen. Hier kan de arts soms meteen uit concluderen of je lijdt aan otosclerose of niet. Maar omdat veel symptomen van otosclerose ook bij andere ziektes van het middenoor bestaan, weet de arts dikwijlsniet 100% zeker of je otosclerose hebt of niet. De enige mogelijkheid om het absoluut zeker te weten is een operatie waarbij de arts een kijkje neemt in je oor. Steeds vaker kan men ook otosclerose vaststellen bij een CT-scan, dit wordt echter niet dikwijlsgedaan. Ik zal hieronder wat uitleggen over de tests die KNO-artsen uitvoeren om een diagnose te stellen:
Toondrempelaudiometrie
Hierbij wordt de gehoordrempel bepaald voor de frequenties 125, 250, 500, 1000, 2000, 4000 en 8000 Hz. Via een koptelefoon worden tonen uitgezonden waarbij je op een knopje moet drukken of “ja” moet zeggen als je een toon hoort. De gehoor-drempel wordt gevonden door herhaaldelijk een toon te laten horen, waarbij de intensiteit in stappen van 5 decibel varieert. De drempel betreft het hele auditieve systeem, het geleidings-, en perceptieve deel. Je kan het geleidingsdeel omzeilen door een blokje achter het oor te plaatsen en de test te herhalen. Wat nu gevonden wordt heeft alleen betrekking op het perceptieve deel. Het verschil van de drempel van het geleidingsdeel en het perceptieve deel is het geleidingsverlies, ook wel air-bone gap genoemd. Bij een asymmetrisch gehoorverlies moet aan het beste oor soms ruis aangeboden worden.
Spraakaudiometrie
Via een koptelefoon worden een reeks woorden gezegd die jij na moet zeggen. Dit wordt gedaan op verschillende intensiteitsniveau’s. Dit is belangrijk om het vermogen tot spraakverstaan te kunnen onderzoeken. Het kunnen verstaan van spraak hangt namelijk niet alleen af van de mate van gehoorverlies maar ook uitval van bepaalde toonhoogtes kan het verstaan van spraak moeilijker maken. Je kan namelijk wel een gesprek verstaan, maar misschien niet horen wat er precies gezegd wordt.
Stemvorkonderzoek
Als je al eens bij een KNO-arts bent geweest, weet je vast wel dat ze ongeveer altijd een stemvork gebruiken. Ik vroeg me altijd af wat ze daarmee nou konden onderzoeken. Hieronder het antwoord: Je hebt 2 verschillende testen: de test van Weber en van Rinne.
Rinne
de stemvork wordt aangeslagen en bij het oor gehouden. Hierna wordt lees verder



