Welke aangeboren hartziekten bestaan er?
Wat zijn aangeboren hartziekten?
Ongeveer 8 op de 1000 pasgeboren kinderen hebben een aangeboren hartziekte. Iedere zwangere vrouw heeft dus ongeveer 1 procent mogelijkheid dat haar kind zo'n ziekte heeft. De mogelijkheid wordt groter als er in de familie meer kinderen zijn met een aangeboren hartafwijking. Ook bepaalde virusinfecties of bepaalde ziektes gedurende de zwangerschap geven een verhoogde kans. Rodehond is een voorbeeld hiervan. Andere risicofactoren zijn te veel alcohol drinken gedurende de zwangerschap en het slikken van epilepsiemedicijnen gedurende de zwangerschap. Verder komen aangeboren hartafwijkingen meer voor bij kinderen met een chromosomale aandoening (bijvoorbeeld Down syndroom en Turner syndroom) of bij kinderen met een erfelijke ziekte (bijvoorbeeld Noonan syndroom en Marfan syndroom). Verschijnselen die wijzen op een hartafwijking zijn hartgeruis, minder uithoudingsvermogen, kortademigheid, snel moe zijn na inspanning, blauwige lippen en nagels en vatbaarheid voor luchtweginfecties (vooral bronchitis en longontsteking). De precieze klachten verschillen overigens per afwijking. Een aangeboren hartafwijking kan reeds direct na de geboorte duidelijk zijn, maar dat hoeft niet. Baby's met een hartafwijking kunnen veel huilen, veel of juist niet veel slapen en slecht eten. Sommige hartziekten zijn wel aangeboren, maar komen pas jaren later tot uiting. Kinderen met ernstige hartafwijkingen kunnen soms minder dan hun leeftijdsgenoten. Toch kunnen zelfs kinderen met vrij ernstige hartafwijkingen over het algemeen een redelijk 'normaal' leven leiden. Van sommige hartafwijkingen is bekend dat ze erfelijk zijn, lees meer over Welke aangeboren hartziekten bestaan er?



