- kramp (spasme) in de kleine spieren van de kleinste luchtpijpvertakkingen (brochespasmen).
- zwelling door stijging van vocht in de luchtwegen.
- toenemen van de hoeveelheid slijm in de luchtwegen. Dit kan optreden bij een infectie of een allergische reactie.
Het in 'aanvallen' optreden van benauwdheid is een belangrijk kenmerk. De ene aanval is van de andere gescheiden door een kortere of langere periode waarin het met de 'patiënt' goed gaat. Een aanval kan enkele uren duren. Een enkele maal ontstaat een aanval die meer dan vierentwintig uur blijft voortduren, waarbij een levensbedreigende situatie kan ontstaan door uitputting en hypoxemie (zuurstof tekort). Ongeveer een op de tien Nederlanders heeft luchtwegklachten. Dat zijn 1,6 miljoen mensen. Twee op de honderd heeft daardoor ernstige beperkingen. Dat zijn 300.000 mensen. Twintig tot veertig procent van het ziekteverzuim in Nederland komt door luchtwegklachten (astma en COPD). In de meeste gevallen moet de behandeling van astma twee soorten medicatie omvatten, met name een medicijn dat de infectie onderdrukt (een inhalatiecorticosteroďd) en een medicijn dat inwerkt op de samentrekking van de bronchiën (luchtwegverwijder). Bij astma is de behandeling erop gericht de verschijnselen zoveel mogelijk te verlichten en een astma-aanval te voorkomen. Er zijn twee typen medicatie. Het ene is gericht op symptoombestrijding (een luchtwegverwijder), het andere op preventie van de klachten. Een patiënt met lichte astma (minder dan twee keer per week een korte aanval) heeft wellicht alleen een luchtwegverwijdernodig. Iemand met matige of ernstige astma moet daarnaast echter iedere dag een preventief medicijn gebruiken. Men spreekt meestal over matige astma bij mensen die drie keer per week of meer hinder hebben van astmaverschijnselen.
Luchtwegverwijders geven onmiddellijk verlichting bij een piepende ademhaling en kortademigheid. De meest gebruikte middelenwerken rechtstreeks op de kleine spiertjes aan de binnenkant van de luchtwegen, waardoor de luchtwegen zich verwijden. Middelen om astma-aanvallen te voorkomen moeten langdurig en op geregelde tijdstippen worden gebruikt, doorgaans tweemaal daags. Ze worden meestal gegeven aan patiënten met matige tot ernstige astma. De zogenoemde luchtwegbeschermende middelen worden geïnhaleerd. Ze bevatten oppervlakkig werkende corticosteroïden die een ontstekingsremmende werking hebben op de slijmvliezen van de luchtwegen. Het kan een week duren voordat ze effect hebben. Mits consequent gebruikt, kan dit type medicijn een astmapatiënt helpen klachtenvrij te worden. Deze middelen geven dus geen onmiddellijke verlichting bij een acute astma-aanval.
Als je dit artikel interessant vond en op de hoogte wilt blijven schrijf je dan in op onze nieuwsbief




