De verschijnselen van een longembolie zijn
- dreigende shock;
- acute rechtsdecompensatie van het hart;
- blauwzucht (cyanose);
- pijn in de zij;
- bloederig sputum;
- temperatuurverhoging;
- polsversnelling.
Veel embolieën kunnen ongemerkt voorbijgaan of uiten zich slechts als een tijdelijke stijging van de lichaamstemperatuur of versnelling van de pols. Grotere embolieën kunnen aanleiding zijn tot shock of plotse dood, misschien mede doordat er dikwijls een reflectoire vaatvernauwing in de niet-aangedane vaatgebieden optreedt. Vaak is de patiënt angstig vlak voor het optreden van embolie. Bij fysisch onderzoek vindt de dokter soms verschijnselen van bronchiaal ademen, soms ook verschijnselen van een vochtophoping.
Therapie
Bij een longembolie kan men de volgende maatregelen nemen die een belangrijke verbetering van de toestand kunnen bewerkstelligen:
- zuurstof toedienen;
- spasmolytica;
- anticoagulantia (heparine intraveneus);
- shockbestrijding.
Meestal wordt op het zelfde ogenblik een antistollingspreparaat gegeven. Zodra dit preparaat werkzaam wordt, kan de toediening van heparine achterwege blijven.
Als je dit artikel interessant vond en op de hoogte wilt blijven schrijf je dan in op onze nieuwsbief



