Relatief lage levensverwachting
Na overleving van de eerste vijf levensjaren hebben personen met het Down syndroom een gemiddelde resterende levensverwachting van 50 jaar. Personen van 40 met het Down syndroom hebben nog een levensverwachting van 14 jaar (Maaskant et al., 1993). De lage levensverwachting komt vooral doordat de ziekte van Alzheimer op relatief jonge leeftijd optreedt en door aangeboren aandoeningen van het hartvaatstelsel. Ook (aangeboren) aandoeningen van de luchtwegen, maligne systeemziekten (zoals leukemie) en infectieziekten worden in de literatuur genoemd als oorzaak van de vervroegde sterfte.
Veel personen met Down syndroom ouder dan 60 jaar dement
In twee Nederlandse onderzoeken onder bewoners van inrichtingen met het Down syndroom was de prevalentie van dementie onder 40-49-jarigen 11-22%, onder 50-59-jarigen 46-80 procent en onder personen ouder dan 60 jaar 73-92 procent (Maaskant et al., 1994; Visser et al., 1997). Andere psychische stoornissen kwamen niet veel voor.
Hoge leeftijd van de moeder risicofactor
Het risico op het krijgen van een kind met het Down syndroom is gerelateerd aan de leeftijd van de moeder. Bij zwangerschap op latere leeftijd stijgt het risico op het krijgen van een kind met het Down syndroom. Bij vrouwen van 20 jaar is de mogelijkheid 1:1.529, bij vrouwen van 35 jaar 1:385 en bij vrouwen van 45 jaar is het zelfs 1:29 (Cuckle et al., 1987). Deze risico's gelden voor levendgeborenen, zonder prenatale diagnostiek en abortus. Hoewel de studie van Cuckle reeds wat verouderd is, kan aangenomen worden dat de genoemde risico's ook nu nog gelden. Het percentage kinderen met het Down syndroom waarvan de moeder ten tijde van de zwangerschap 35 jaar of ouder was, lag in de geboortejaren 1980-1994 tussen de 23 (in Antwerpen, België) en 60 (in Galway, Ierland) (EUROCAT, 1997).
Als je dit artikel interessant vond en op de hoogte wilt blijven schrijf je dan in op onze nieuwsbief




