Genezing is niet mogelijk
Genezing van osteoporose, in de zin van totaal herstel van de vroegere botmineraaldichtheid, is niet mogelijk. Wel kan behandeling ertoe bijdragen dat de botmassa toeneemt. Het is ook niet mogelijk een ingezakte wervel te herstellen. Wervelinzakkingen kunnen gepaard gaan met functionele beperkingen door pijn en lengteverlies, vormverandering van de wervelkolom (kyphose) en lage rugpijn (Burger et al., 1997; Nevitt et al., 1998). Ook bij mensen zonder symptomen leidt een wervelinzakking tot een verminderde kwaliteit van leven. Dit komt niet alleen door rugklachten, maar ook door bijkomende aandoeningen als depressie (Gold, 1996; Ross, 1997; Oleksik et al., 2000).
Heupfracturen kunnen zelfs tot sterfte leiden
Bij wervelinzakking kan het lengteverlies oplopen tot zo’n 10-20 centimeter. Doordat de vorm van de wervelkolom verandert kan ook druk ontstaan op interne organen. Dat beïnvloedt de kwaliteit van leven negatief. Wervelinzakkingen zijn een belangrijke indicatie voor een verhoogd risico op toekomstige fracturen in de wervelkolom, maar ook elders in het skelet, bvb in de heup (Ross et al., 1991; Ross et al., 1993; Burger et al., 1994b; Black et al., 1999; Van der Klift et al., 2002). Heupfracturen gaan dikwijls gepaard met invaliditeit, verlies van kwaliteit van leven en zelfs sterfte. De gevolgen van een polsfractuur zijn dikwijls beperkt. Meestal werkt iemand na 4-12 weken weer normaal.
Effectiviteit van extra inname van calcium en vitamine D niet bewezen
Er zijn verscheidene factoren die de aanmaak en afbraak van het bot beïnvloeden. Van veel van deze factoren, als roken, alcoholgebruik en het gebruik van geneesmiddelen, is het effect echter niet bewezen. Voldoende lichaamsbeweging, stoppen met roken en gezonde voeding dragen bij aan de preventie van osteoporose. Er is niet veel effect te verwachten van extra inname van calcium (Burger et al., 1998). Het calciumaanbod uit de voeding is in Nederland namelijk reeds relatief hoog en er lijkt een drempel te bestaan waarboven het verhogen van de calciuminname geen gunstig effect meer heeft (Dawson-Hughes et al., 1990; Matkovic & Heaney, 1992). Vitamine D-suppletie bij ouderen lijkt botverlies tegen te gaan (Ooms et al., 1995). Het effect daarvan op fracturen is echter nog controversieel. Gebrek aan vitamine-D komt zeer dikwijls voor bij ouderen (Lips & Obrant, 1991), onder andere als gevolg van verminderde blootstelling aan zonlicht.
Opsporing hoge fractuurrisico's mogelijk
Het mogelijke gevolg van osteoporose is een fractuur. Er zijn enkele risicofactoren gedefinieerd die gebruikt kunnen worden om mensen met een hoog fractuurrisico op te sporen. Van deze risicofactoren is de relatie met fractuurkans bewezen. Daarnaast zijn vrouwzijn en leeftijd belangrijke voorspellers van de fractuurkans. Hoe ouder iemand is, hoe groter de mogelijkheid op een fractuur. Een botdichtheidsmeting is alleen nuttig bij mensen die op basis van andere determinanten reeds een verhoogde mogelijkheid hebben op een fractuur. De helft van de osteoporotische fracturen komt namelijk voor bij mensen die geen verlaagde botmassa hebben.
Als je dit artikel interessant vond en op de hoogte wilt blijven schrijf je dan in op onze nieuwsbief



