Slechthorendheid door lawaai
Gehoorschade leidt tot moeilijkheden in spraakverstaan
Uit laboratoriumonderzoek blijkt dat mensen met gehoorschade door blootstelling aan lawaai spraak in achtergrondgeluid minder goed verstaan als het gehoorverlies in het toondrempel-audiogram groter is dan 10 dB, gemiddeld over twee oren en bij 2 en 4 kHz (Smoorenburg & Van Goldstein-Brouwers, 1986; Smoorenburg, 1990; Smoorenburg, 1992). Hetzelfde resultaat is gevonden in epidemiologisch onderzoek (Passchier-Vermeer & Rövekamp, 1987). Kortom, bij 10 decibel gehoorverlies bij 2.000 en 4.000 Hertz beginnen de moeilijkheden in het spraakverstaan. Dit kan aangeduid worden met de het begrip slechthorendheid. Bij 30 decibel is het spraakverstaan zo verminderd, dat er sprake is van een sociale handicap.
Gehoorschade door lawaai is acuut of progressief
Er wordt onderscheid gemaakt tussen acuut ontstane gehoorschade door bvb een explosie, en de veel meer voorkomende progressieve gehoorschade veroorzaakt door veelvuldige blootstelling aan lawaai. In de ICD-10 is gehoorschade door lawaai omschreven als lawaai-effecten op het binnenoor, waarbij akoestisch trauma en lawaaidoofheid of -slechthorendheid specifiek worden vermeld (maar geen aparte codes hebben).
De symptomen van slecht horen door lawaai
Het beginstadium van slecht horen door langdurige blootstelling aan lawaai wordt door de betrokkene dikwijls niet opgemerkt. In deze fase zijn met name tonen met een hoge toonfrequentie niet goed hoorbaar. slecht horen wordt erger naarmate de blootstelling aan lawaai in de loop van de jaren voortduurt. Het gehoorverlies breidt zich dan uit naar de lagere frequenties. Ook oorsuizen, dat kan optreden als gevolg van blootstelling aan lawaai, komt veel voor en wordt dikwijls als hinderlijker ervaren dan de vermindering van het hoorvermogen door blootstelling aan lawaai. Bij een akoestisch trauma (bijvoorbeeld als gevolg van een explosie) is sprake van een acute aantasting van het gehoor. De algemene methodieken om kwaliteit van leven in beeld te brengen zijn niet geëigend om beperkingen of handicaps ten gevolge van slecht horen door lawaai vast te stellen.
Gehoorverlies varieert van net meetbare gehoorverlies tot totale doofheid
Gehoorschade door lawaai gaat dikwijls samen met (eventueel beginnende) ouderdomsslechthorendheid. Het totale gehoorverlies kan in de volgende stadia worden ingedeeld, waarbij elk stadium ook het eindstadium van de afwijking kan betekenen:
- meetbaar verlies: gehoorverlies dat door betrokkene nog niet wordt opgemerkt;
- licht verlies: gehoorverlies dat door betrokkene wordt opgemerkt in een lawaaiige omgeving;
- matig verlies: lees meer over Slechthorendheid door lawaai




