Schildklier - thyroxine
De schildklier zit in de hals en maakt (onder invloed van TSH) thyroxine aan. Dit hormoon beïnvloed de stofwisseling (metabolisme) van alle cellen. Thyroxine verhoogt het energie verbruik en de eiwitproductie van de cellen. Weinig thyroxine veroorzaakt dan ook een laag energieverbruik.
Geslachtsklieren - geslachtshormonen
In de vrouwelijke geslachtsklieren, de eierstokken wordt oestrogeen en progesteron geproduceerd. Beide hormonen zijn vrouwelijke geslachtshormonen. Ze zorgen er samen voor dat de vrouwelijke cyclus en het daarmee samenhangende zwangerschapsproces juist verlopen. In de mannelijke geslachtsklieren, de testes, wordt testosteron, het mannelijke geslachtshormoon, geproduceerd. Testosteron zorgt er onder andere voor dat er zaadcellen worden aangemaakt.
Lichaamscellen - prostaglandines
Alle lichaamscellen zijn in staat om prostaglandines aan te maken. Dit hormoon heeft een regulerend effect op de bloedsomloop. Zo kunnen prostaglandines er bvb voor zorgen dat bloedvaten zich verwijden als er ergens en hoge zuurstofbehoefte is. En, als je uitgehold bent, zorgen ze er ook weer voor dat je bloedvaten weer terugkomen in de normale stand.
Zenuwcellen - neurotransmitters
Zenuwcellen kunnen neurotransmitters afgeven. Neurotransmitters vervullen een essentiële functie in het zenuwstelsel. De ene zenuwcel geeft neurotransmitters af om ervoor te zorgen dat een andere zenuwcel de boodschap doorgeeft. Stel het je maar voor als het mobiele telefoonsysteem. Jouw boodschap wordt van zendmast naar zendmast verzonden om uiteindelijk op de plaats van bestemming aan te komen.
Regelsysteem
Overal in het lichaam worden hormonen aangemaakt en natuurlijk moeten die op een zeker moment ook weer afgebroken worden. De afbraak van hormonen vindt met name plaats in de lever. Het lichaam beschikt over een heel mooi regelsysteem om te bepalen wanneer het ene hormoon aangemaakt moet worden en het andere hormoon juist afgebroken. Dit systeem heet "regelkring met negatieve terugkoppeling". Stel je maar voor dat er een voelertje in je bloed hangt wat steeds meet wat de concentratie van bepaalde hormonen is. Zit er in je bloed teveel van een bepaald hormoon dan volgt er een negatieve terugkoppeling. De aanmaak van dit bepaalde hormoon stopt en de afbraak komt op gang. Voor de fijn afstemming kan het lichaam ook nog besluiten om even iets van het tegengestelde hormoon aan te maken. Denk maar aan de tegengestelde werking van adrenaline en insuline. De hypofyse is in dit verband de "regelneef". Echter, helemaal voor het zeggen heeft hij het niet want op zijn beurt staat hij onder directe invloed van het zenuwstelsel. En, omdat het zo'n complex systeem is kan het niet of niet behoorlijk functioneren van één klier de zaak behoorlijk in de war schoppen.
Voeding
Om hormonen te kunnen maken heeft het lichaam bepaalde bouwstoffen nodig. Vitaminen en mineralen zijn in dit verband absoluut onontbeerlijk. Om bvb de hypofyse en de bijnieren juist te kunnen laten functioneren moet het lichaam de beschikking hebben over genoeg vitamine B5. De schildklier is daarentegen afhankelijk van genoeg jodium. De thymus en de mannelijke geslachtshormonen kunnen niet fatsoenlijk functioneren zonder vitamine A en B12. De vrouwelijke geslachtsorganen hebben juist met name B3 en B6 nodig. En de alvleesklier komt in de problemen als er niet genoeg vitamine C present is. En geen van allen kunnen ze hun werk goed doen als ze niet genoeg vitamine E, magnesium en zink tot hun beschikking hebben. Je kunt je inderdaad afvragen of hormonale klachten wel altijd veroorzaakt worden door het "niet" functioneren van hormoonklieren. Wellicht ligt het, gezien ons huidige voedingspatroon, ook wel aan het ontbreken van genoeg bouwstenen.
Als je dit artikel interessant vond en op de hoogte wilt blijven schrijf je dan in op onze nieuwsbief



