Falende harten...
Hartfalen gevolg van tekortschietende pompfunctie hart
In de literatuur ontbreekt consensus over de definitie van hartfalen. In de multidisciplinaire richtlijn ‘Chronisch hartfalen’ wordt hartfalen gedefinieerd als 'een complex van klachten en verschijnselen ten gevolge van een tekortschietende pompfunctie van het hart' (NVC, 2002). Essentieel bij deze definitie, en de definities in de richtlijnen van de NHG en de European Society of Cardiology is een tekortschietende pompfunctie in combinatie met klachten (Walma et al., 1995; Task Force for the diagnosis and treatment of chronic heart failure, 2001). Bij een, bijvoorbeeld via echografisch onderzoek aangetoonde verminderde functie van de hartkamer die niet gepaard gaat met symptomen, is het dus beter niet van hartfalen te spreken, maar van asymptomatische ventrikeldisfunctie.
Onderscheid tussen onvoldoende knijpkracht en vulling hart
Tegenwoordig wordt onderscheid gemaakt tussen de volgende vormen van hartfalen:
- Hartfalen met verminderde linkerventrikel systolische functie: vooral de knijpkracht van het hart schiet tekort (systolisch hartfalen genoemd)
- Hartfalen met normale of behouden linkerventrikel systolische functie: vooral de vulling van het hart is onvoldoende (diastolisch hartfalen genoemd)
Hoewel het belang van diastolisch hartfalen niet moet worden onderschat, is er veel discussie over de precieze definitie ervan. De meeste onderzoeken op het gebied van hartfalen, zowel wat betreft vóórkomen, diagnostiek als prognose/therapie, hebben betrekking op systolisch hartfalen (Hoes & Mosterd, 2003).
Symptomen van hartfalen in beginstadium weinig uitgesproken
Het klinisch beeld van hartfalen is zeer veelzijdig en ook bij individuele patiënten kunnen de symptomen van dag tot dag variëren. Vooral in het beginstadium van chronisch hartfalen zijn de verschijnselen weinig uitgesproken. Kortademigheid en moeheid kunnen wijzen op hartfalen. Over het algemeen worden de klachten in de loop van de tijd erger en wordt het klinische beeld duidelijker. In meer gevorderde stadia staat een duidelijk verminderd inspanningsvermogen op de voorgrond, wat dikwijlsgepaard gaat met nachtelijke kortademigheid, kortademigheid bij platliggen en dikke enkels. De verschijnselen van acuut hartfalen zijn daarentegen kenmerkend: plotseling optredende ernstige kortademigheid in rust. Het is moeilijk om op grond van de klinische symptomen onderscheid te maken tussen hartfalen met een verminderde en hartfalen met een behouden linkerventrikel functie.
Classificatie van hartfalen op basis van beperking in fysieke activiteit
Om de ernst van hartfalen te beschrijven wordt dikwijlsde classificatie van de New York Heart Association (NYHA) gebruikt:
- Klasse 1: Patiënten zonder beperking van fysieke activiteit. Normale activiteit veroorzaakt geen duidelijke klachten.
- Klasse 2: Patiënten met een geringe beperking van fysieke activiteit. Geen klachten in rust, maar wel bij fysieke activiteit.
- Klasse 3: Patiënten met een duidelijke beperking van de fysieke activiteit. Geringe inspanning geeft al klachten.
- Klasse 4: Patiënten met ernstige beperkingen in de fysieke activiteit. Klachten zijn ook in rust aanwezig.




