Behandeling van HIV: opvallende resultaten met combinatietherapie
Aanvankelijk was er geen behandeling voor mensen met hiv. Een infectie met hiv betekende dat men op een dag aids zou ontwikkelen en daaraan sterven. In 1996 kwamen de eerste positieve geluiden en in 1998 werd het succes van de zogenaamde combinatietherapie bevestigd. Deze medicatie heeft gebracht tot een verandering van de vooruitzichten voor mensen met hiv en aids.
Met de combinatietherapie of de zogenaamde ‘Hoog Actieve Anti-Retrovirale Therapie' (HAART) zijn opvallende resultaten bereikt. Ze onderdrukt de activiteit van het virus, maar kan het niet vernietigen. Combinatietherapie geneest dus niet. Ze zorgt er wel voor dat dat de concentratie van T4-cellen opnieuw toeneemt. Deze cellen maken deel uit van het afweersysteem. Door hun toename kan het lichaam zich opnieuw beter verdedigen tegen infecties. Daardoor neemt ook de mogelijkheid op opportunistische infecties af. Daarnaast zorgt de combinatietherapie er ook voor dat de virale lading afneemt. Dit is het aantal kopieën van hiv dat er in één milliliter bloed zit. Bij de combinatietherapie dient men op het zelfde ogenblik verschillende medicijnen (medicatie) toe. Er zijn op dit moment drie groepen medicatie beschikbaar waarvan men combinaties maakt. Wanneer slechts één medicijn gebruikt wordt, treedt er immers snel resistentie op. Hierbij vindt het virus een manier om de geblokkeerde stap te omzeilen en dan is het middel niet langer doeltreffend. Het ontstaan van resistentie tegen de drie groepen van medicatie is onwaarschijnlijk.
- De eerste groep zorgt ervoor dat hiv niet in de T4-cel kan binnendringen. Ze verhindert de fusie van het virus lees meer over Behandeling van HIV: opvallende resultaten met combinatietherapie




