Indeling, oorzaken en prognose van longkanker
Longkanker op verschillende manieren in te delen
Longkanker is een kwaadaardige (maligne) tumor die uitgaat van het longweefsel. Bij longkanker zijn verschillende typen te onderscheiden, waarbij een globale indeling is te maken in kleincellige tumoren en niet-kleincellige tumoren.
Histologische indeling
Longtumoren kunnen histologisch globaal onderverdeeld worden in niet-kleincellige tumoren (Non-Small Cell Lung Carcinoma: NSCLC) en kleincellige tumoren (Small Cell Lung Carcinoma: SCLC). Niet-kleincellige tumoren zijn onderverdeeld in het plaveiselcelcarcinoom, het adenocarcinoom en het grootcellig ongedifferentieerd carcinoom. De resterende niet-kleincellige tumoren zijn niet nader in te delen. Bij mannen treedt relatief vaker het plaveiselcelcarcinoom op, bij vrouwen vaker het adenocarcinoom (zie tabel 2). Het plaveiselcelcarcinoom en kleincellige longtumoren hebben de sterkste relatie met roken. Het grootste deel van de longtumoren is centraal gelegen in de grote vertakkingen (de bronchi) van de luchtpijp. Adenocarcinomen en grootcellig ongedifferentieerde carcinomen ontstaan veelal in de periferie van de long.
Indeling in ziektestadia
De Tumour-Nodes-Metastases (TNM) classificatie beschrijft de anatomische uitbreiding van longkanker op een bepaald moment van het ziekteproces. De indeling volgens deze classificatie is gebaseerd op de aanwezigheid van lymfeklieruitzaaiingen en uitzaaiingen (metastasen) op afstand (in een ander deel van het lichaam). In het algemeen is de behandeling van patiënten met een lokaal beperkt (‘localized’ en 'limited') stadium in principe gericht op genezing (operatie eventueel in combinatie met andere therapieën) en die van alle andere patiënten op palliatie. De gegevens van de kankerregistratie in de IKA-regio (Noord-Holland en Flevoland) bieden inzicht in de trends in stadiumverdeling bij diagnose van longtumoren (bron: NKR). Van de patiënten met NSCLC heeft meer dan 60% bij diagnose al uitzaaiingen in de regionale lymfeklieren of op afstand. Van de patiënten met SCLC is meer dan 50% in een extensief stadium.
Longtumoren veroorzaken diverse luchtwegklachten
De symptomen van longkanker zijn afhankelijk van de ligging en de uitgebreidheid van de tumor. Centraal in de long gelegen tumoren geven eerder klachten dan perifere tumoren. Laatstgenoemde tumoren kunnen hierdoor lange tijd onopgemerkt blijven, en kunnen soms bij toeval op een röntgenfoto worden ontdekt. Klachten worden in eerste instantie veroorzaakt door de tumor zelf en vervolgens door de uitzaaiingen. De eerste verschijnselen zijn een verandering van hoestpatroon (hardnekkige prikkelhoest), opgeven van (bloederig) slijm, kortademigheid gepaard gaande met een fluitend geluid (‘wheezing’), (terugkerende) longontsteking en lees verder




